
En ineens was ie er. Een dag om nooit te vergeten. Het moment waarop wij als zeuntjes de oversteek zouden maken naar het ruige Engeland. Aan onze grondige voorbereiding zou het niet liggen. Pilletje tegen zeeziekte ingenomen, twee keer naar het toilet geweest (want dat zou straks vast niet meer kunnen), vier lagen thermo-ondergoed, twee lagen zonnebrand en een licht ontbijt zouden ons er doorheen slepen.
En als het allemaal te ruig zou worden, vertrouwden we op schipper Moniek. Die krijg je namelijk niet zo makkelijk gek, hadden wij al snel door. Een rots in de branding, precies zoals we ons Engeland ook voorstelden.
De motor pruttelde enthousiast, maar de plotter liet ons genadeloos in de steek. Met de gehele bemanning bekeken we de enorme hoeveelheid draden in de stroomkast van de Zuid West 7. Net vernieuwd, maar geen touw aan vast te knopen. Onze pogingen om het ding aan de praat te krijgen waren tevergeefs. Schipper Moniek besloot toch te gaan varen. Super stoer van ons. We zouden het allemaal wel uitvogelen met een sextant (lees: iPad met Inavx en maar 48% batterij, een niet geheel bijgewerkte zeekaart uit 2008 en een handheld navigatiemiddel met gedateerde kaart uit, jawel, 2008). Volgens Huub is het toch gewoon rechtdoor. "
Een bietje zus en een bietje zo."
Nog voor we de haven van Oostende uitvoeren, hesen we fanatiek de zeilen. Ondanks het vroege uur (rond de klok van zeven), stak het zonnetje fel af tegen een blauwe lucht. Al snel werd duidelijk dat de
lifelines misschien wat overbodig waren. En dat de motor een tandje bij moest omdat we anders niet eens voorbij de havenmond van Oostende zouden geraken.
De eerste tweeënhalf uur bracht Anthonie op zijn kop in het stroomkastje door. Hij moest en zou het euvel vinden. En dat deed hij.
Om 09.30 klonk het verlossende "
Ja, hij doetutweer" van achter de navigatietafel. Natuurlijk kunnen wij best oversteken naar Engeland zonder plotter, maar als het er is, maken we er graag gebruik van.
Voorafgaand aan de oversteek hadden wij vooral heftige scenario's de revue laten passeren. Een zonnig dagje motorsailen à 6 knopen per uur zat daar niet tussen. Na een geanimeerd gesprek van ruim acht uur, verschenen er vanuit het niets (nou ja, voor mij dan) ineens allemaal rimpeltjes op het water. Het zou toch niet...? En jawel. Daar was onze grote vriend. Langzaam werd het geheel opgebouwd tot een werkelijk groteske finale met 20 knopen wind voor de steile kust van Engeland. Moniek stuurde ons op een oor vakkundig naar de ingang van de haven. Even zo vakkundig zwiepten wij in één ferme beweging het grootzeil naar beneden en koersten we aan op de eindbestemming. Vervolgens bracht het vrolijke ontvangstcomité ons voornamelijk in de war. Aanleggen is een onderschatte aangelegenheid waarbij goede communicatie onontbeerlijk is. Uiteindelijk kon de welverdiende kurk van de fles!
De oogst van een mooie dag op de Noordzee: een ballon zonder kaartje, een plastic bak, een heel lang blauw touw, een lekke basketbal, een stuk of 25 containerschepen, een handvol vissersboten, drie keer een vin van een ongedefinieerd waterbeest, een hoofd van een zeehond, een olieplatform en de boei van Bergues South (foto).
Wat een feest. Bedankt Moniek, Huub, Jacqueline en Anthonie!
Floor Westerburgen